





|
  
Scandinavië
Zaterdag 1 juli 2000:
We vertrekken om 9 uur. Het regent zachtjes. Om
ongeveer 4 uur 's middags zijn we in Bremen. We gaan naar de
gemeentecamping, waar we al veel vaker zijn geweest als we naar het
noorden zijn getrokken. De zon breekt nu af en toe door.

Zondag 2 juli:
We hebben lekker uitgeslapen en vertrekken om 10
uur naar Travemunde. Om één uur zijn we er al. We nemen eerst een kijkje
bij de haven en gaan daarna op zoek naar een slaapplaats.
Vlakbij het centrum is een parkeerplaats waar je kunt overnachten.
Het staat hier vol met campers. We eten wat en lopen nog even Travemunde
in.
Maandag 3 juli:
Om 10 uur vertrekt de boot naar Trelleborg. We zijn
bijna als eerste op de boot (de Peter Pan) en zoeken een mooi plekje in
een luie stoel in de zon op het dek. Om kwart over 5 rijden we Zweden
in. We rijden nog een eind door, want morgen moeten we in Stockholm
zijn. Het is heerlijk weer. Om 6 uur is het nog 31°. Om half 9 nemen we
een camping in Markaryd. De camping ligt lekker tussen de bomen aan een
meertje.
Dinsdag 4 juli:
We staan op tijd op, nemen een lekkere douche en
gaan weer op pad. De zon schijnt alweer lekker en we hebben de korte
broek al aan. Tegen half 7 's avonds zijn we in Stockholm. Dan staan we
voor de volgende vraag: waar moeten we overnachten? Er is wel een
parkeergarage voor langparkeerders, maar daar zijn wij te hoog voor. We
rijden de kade op en vragen om raad. We mogen een eindje verder tussen
de trailers gaan staan direct aan het water. We moeten alleen vroeg
wakker worden, want voordat ze de trailers gaan uitladen (6 uur) moeten
we weg zijn.
Woensdag 5 juli:
We staan vroeg op. Om half 7 staan we in de rij
voor de boot naar Turku en ontbijten op ons gemak. De boot wordt
geladen. Er worden allemaal trailers, vrachtwagens en bussen in gereden.
Daarna zijn de auto's aan de beurt. Op een gegeven moment gaan er auto's
achteruit in. Deze auto's moeten er onderweg in Mariehamn weer uit. Er
staan nog 3 campers en 2 busjes buiten, waaronder wij, als de deuren van
de boot
dicht gaan. Toen we gingen vragen wat er aan de hand was, kregen we te
horen dat de boot vol zat en dat we binnen maar moesten vragen wat er
met ons ging gebeuren. Binnen wordt er heel wat afgebeld. Een Duitser
voor ons krijgt de optie om naar Kapellskär te rijden en van daar naar
Turku te varen. Wij bedenken dat het fijner is om de boot naar Helsinki
te nemen en geven dit als optie aan. Er wordt weer heftig getelefoneerd
en uiteindelijk krijgen we de nachtboot naar Helsinki met dinerbuffet,
hut en ontbijtbuffet er gratis bij. Deze boot vertrekt echter pas om 17
uur en we zijn midden in Stockholm. Dus we lopen nadat we alles
klaargelegd hebben wat we mee moeten nemen voor de nacht op de boot,
rustig nog even de stad in. Als we weer in de rij staan voor de boot
slaat het weer om. Het giet! Als we eindelijk de boot oprijden en de
camper hebben verlaten gaan we op zoek naar onze hut. Het zonnetje
schijnt alweer en alles is prima naar onze zin.
Donderdag 6 juli:
Even na 10 uur Finse tijd (het is hier een uur
later) rijden we van de boot af. We doen boodschappen en gaan op zoek
naar de camping. De kinderen zetten elk hun tentje op. Er is een plas
naast de camping waar de kinderen nog even met onze opblaasboot willen
gaan varen. Er breekt echter een verschrikkelijk noodweer los. Later
schijnt de zon weer vrolijk, maar de halve camping staat blank.

Vrijdag 7 juli:
We bekijken Helsinki eerst en terug op de camping
gaan de kinderen echt varen. Het is prima weer.
Zondag 9 juli:
We zijn verder getrokken van Helsinki naar
Savonlinna. Hier staat een waterburcht die half Zweeds en half Russisch
is. Finland is 600 jaar van Zweden geweest. Daarna is het oostelijk deel
circa 80 jaar in Russische handen geweest. Jaarlijks hebben ze in deze
burcht een groot opera festival.

Woensdag 12 juli:
We zijn ondertussen verder getrokken, via Kerimaki,
waar een mooie houten kerk staat naar Lieksa. We worden al aardig
geplaagd door de muggen. In Lieksa hebben we het openluchtmuseum
bekeken. De camping ligt aan een meer en we hebben heerlijk gezwommen.
Vandaag trekken we weer verder naar Kuusamo. Onderweg zien we ons eerste
rendier. Als we in Kuusamo zijn en af willen slaan naar de camping zien
we er 4 bij elkaar. We zijn dit nog niet gewend en lopen ze met de
videocamera achterna om ze eens goed te bekijken en vast te leggen. De
camping die we besluiten te nemen ligt weer aan een meertje. 's Avonds
is het een prachtig gezicht om de zon na elven nog steeds in het water
te zien schijnen.

Donderdag 13 juli:
Het is bewolkt en we slapen lekker uit. 's Middags
begint de zon te schijnen. Op de markt kopen we wat T-shirtjes met
elanden erop. 's Avonds krijgen we echter weer zo'n onweersbui als in
Helsinki.
Vrijdag 14 juli:
De dag begint weer met een beetje wisselvallig
weer, maar even later laat de zon zich weer zien. We trekken weer verder
naar Rovaniëmi, de hoofdstad van Lapland. Onderweg stikt het van de
rendieren. Ze lopen soms midden op straat en je moet goed oppassen,
omdat je ze vrij laat in de gaten hebt. Soms zijn het hele kuddes bij
elkaar. Aan het eind van de dag ligt het aantal rendieren dat we tot nu
toe onderweg hebben gezien op 38.

Zaterdag 15 juli:
We gaan een bezoek brengen aan Santa's Village, dat
even ten noorden van Rovaniëmi op de poolcirkel ligt. Dit is de
woonplaats van de kerstman. Je kunt er allemaal kerstartikelen kopen en
de kerstman, waar je mee op de foto kunt, zit er in zijn kamer.
Zondag 16 juli:
We gaan weer verder naar het noorden en we nemen
een camping aan het Inari-meer. Op deze camping is het bijna onmogelijk
om buiten te zijn. We happen vliegen zogezegd. We kopen in de supermarkt
2 vliegen(imker)hoedjes met gaas voor je gezicht. Nu kun je tenminste
even naar het toiletgebouw lopen. Buiten zitten is uitgesloten. Op deze
camping stroomt het 's avonds helemaal vol en 's morgens gaat iedereen
weer verder.
Dinsdag 18 juli:
We gaan weer verder via Karasjok (Noorwegen) via
weg 92 naar Kautokeino. Dit is een smalle twee-baans weg, waar je wel
100 km mag rijden. Het lijkt een Franse weg, steeds maar rechtdoor en op
en neer met hellingen van wel 12%. Bussen, die naar de Noordkaap gaan,
vliegen je dan ook om je oren. (Dit is echt niet prettig.) Onderweg zien
we rendier nummer 60. Als we in Kautokeino op een camping komen worden
we gek van de muggen en besluiten niet door te gaan naar de Noordkaap.
Nederlanders van een tentje, dat er al stond, pakken in allerijl hun
tentje op en vluchten weg voor de muggen. 's Nachts tel ik wel 50 muggen
op het muggengaasje in het dakluik boven mijn hoofd. Het blijft maar
zoemen. Wanneer je buiten loopt steken ze door je kleren heen. Helaas is
het bewolkt weer en zien we niets van de Middernachtzon. Wel gaat de zon
al lang niet meer onder.
Woensdag 19 juli:
We vertrekken weer snel uit Noorwegen en komen 's
middags aan in Pello. (Finland) Het heeft aardig geregend in deze
streek. Op de camping is een draad gespannen, waar een heel nat stuk
gras achter ligt. We kijken even goed rond en zoeken een droog plaatsje.
In de loop van de avond stroomt de camping vol. De meesten reden eerst
tot het eind van het weggetje om vervolgens weer het hele stuk (met
grote caravans!) achteruit terug te moeten manoeuvreren om een goed
plaatsje te vinden. Uitstappen en rondlopen kost zeker teveel moeite.

Donderdag 20 juli:
Vannacht om 5 voor 12 kwamen er nog Noren op de
camping aan. Het waren hele slimme mensen. Ze parkeerden eerst hun auto
met grote dubbelassige caravan en keken rond naar een plaatsje.
Vervolgens stapten ze in en reden het lege, blank staande veld op. Ze
kwamen vast te zitten. De auto werd losgekoppeld en na veel duwen kwam
deze los. Na een half uur (met hulp van nog wat niet slapende mensen)
was ook de caravan uit zijn benarde positie bevrijd. Vanmorgen willen
twee Duitse campers vertrekken. Ook één van hen zat vast en moest door
de ander eruit getrokken worden. Later wil ook nog een oude Finse camper
weg. Hij krijgt hulp van een (vierwiel-drive) auto van de camping. Wij
staan op een droog plekje en gaan trouwens nog niet weg. Om half één
staan we nog maar met z'n tweeën op de camping, de rest is alweer
vertrokken. Op deze camping kunnen we eindelijk weer buiten zitten,
zonder opgegeten te worden door de muggen. 's Middags komt er een Noor
met een mercedes en een caravan, die regelrecht een nat stuk oprijdt.
Ook hij moet er worden uitgetrokken.

Zaterdag 22 juli:
Gisteren hebben we Finland verlaten en zijn we
geëindigd in Luleå (Zweden). Vandaag brengen we een bezoekje aan
Gammelstad. Dit is een oud kerkdorp. Vroeger kwamen de mensen van heinde
en verre om naar de kerk te gaan en overnachten in de huizen in zo'n
kerkdorp. We hoorden hier bij de leerbewerker dat het donderdag in
Zweden noodweer was geweest en dat de treinen niet verder konden vanwege
de overstromingen. We willen op de camping gaan zwemmen in de Botnische
golf, maar dit water blijkt ijskoud te zijn.

Zondag 23 juli:
We gaan weer verder via Arvidsjaur naar Slagnås. In
Arvidsjaur is een kerkdorp voor Lappen. Dit ziet er veel armzaliger uit
dan Gammelstad. Het zijn allemaal houten hutjes. Er staan al
Nederlanders op de camping als wij aankomen. Als wij rustig een
spelletje aan het spelen zijn komt er Zweedse auto naast ons staan. Het
zijn een opa met zijn kleinzoon. Alle spullen worden uit de auto gehaald
en er komt een hele oude tent te voorschijn. Deze moet opgezet worden.
De stokken komen uit een kartonnen koker. Kleinzoon doet heel nonchalant
met alles en opa is heel precies. De stokken worden in elkaar gezet. Nu
moet het tentdoek eroverheen. Wij zitten met verstand te kijken. Het
geheel past van geen kant. Het geheel zit er precies verkeerd om
overheen. Het is een zielig gezicht. Dus steken we de handen uit de
mouwen en gaan helpen. Ook de andere Nederlanders komen helpen. De
elastieken zijn te kort of vergaan. Opa komt, als het geheel zo goed en
zo kwaad als het gaat staat, met plastic gordijntjes aan. Die moeten er
ook nog in hangen. 's Avonds volgt er weer een wolkbreuk. Opa en
kleinzoon staan een beetje verkeerd en staan half met de tent in het
water. Gelukkig is de tent met het opzetten gedraaid, anders had het
slaapgedeelte blank gestaan. Nu staat alleen het zitgedeelte onder
water. Ze hebben ook nog een beetje last van lekkage, net voor de
slaaptent, waar een groot gapend gat zit. Gelukkig valt alles daarna
weer droog.
Dinsdag 24 juli:
Gisteren zijn we via Vilhelmina, waar we nog een
kerkdorp hebben gezien, in Strömsund gekomen. Het is een bewolkte dag,
maar de kinderen gaan toch even zwemmen in het zwembad van de camping.
Als we 's avonds een rondje over de camping lopen komen we in de Tipi
(lappentent) van het toeristenbureau met Pieter aan de praat. Hij
vertelt ons dat er je steeds minder elanden ziet. Er worden 120.000
elanden per jaar afgeschoten. Hijzelf mag er één per jaar schieten.
Vorig jaar heeft hij er maar 5 gezien. Vroeger zag je er wel 30 of 40 in
een jaar. Elanden zijn niet zo geliefd bij Zweden, omdat ze een bepaald
soort plant opeten. Rendieren doen dat niet. De rendieren zijn allemaal
geoormerkt en zijn van de Lappen (Samen). In de tent is het behaaglijk
warm en zolang je een vuurtje stookt komt er geen regen door het gat
bovenin naar binnen. De wind waait er goed omheen en krijgt geen vat op
de tent.

Donderdag 27 juli:
Gisteren zijn we weer verder gegaan. In Vemdalen
kwamen we langs een heel leuk kerkje. We zijn nu in Sveg. Het water in
de rivier heeft met de overstromingen van vorige week veel sporen
nagelaten. Er is steiger weggeslagen en de stenen bij de peiler van de
brug worden weer bijgevuld.
Vrijdag 28 juli:
Het is weer een zonnige dag. We gaan verder naar
Mora. Onderweg zien we, ter hoogte van Los, twee keer een
stroomversnelling en een waterval in de rivier. Dit is heel
indrukwekkend! In Orsa zijn we nog naar het berenpark geweest. Hier
hebben ze beren in grote terreinen gezet, die te bekijken zijn vanaf
uitkijkpunten boven deze terreinen. Je moet er wel de hele berg voor
naar boven, maar het is heel leuk om te zien. In Mora staat de halve
camping blank, door het slechte weer. Ook langs het meer in de plaats
zelf staan hele stukken oever onder water.
Maandag 31 juli:
Het is zonnig. We staan intussen in Rada op de
camping. De kinderen zwemmen in het meer op de camping.
Donderdag 3 augustus:
Gisteren was het een trieste dag. We zijn met de
boot naar Denemarken gegaan. We hebben een camping op het eiland
Mön genomen. Vandaag bekijken we de krijtrotsen van
Mönsklint. Hier ga je met trapjes naar
beneden en kun je van onderen de krijtrotsen mooi bekijken. We gaan 's
middags met de boot door naar Duitsland.
Maandag 7 augustus:
We hebben nog een paar rustige dagen in Duitsland
doorgebracht en komen vandaag weer thuis.
Totaal hebben we 6750 km gereden.

|